DOQ

Postmortaal longweefsel biedt vitale inzichten in pathofysiologie van COVID-19

Onderzoek van postmortaal longweefsel is van vitaal belang voor ons begrip van de pathogenese van COVID-19. In een overzichtsartikel in The Lancet Respiratory Medicine zijn de bevindingen verzameld van diverse postmortale longweefselanalyses. Op grond daarvan kan het progressieve en fatale beloop van COVID-19 afgeleid worden.

COVID-19 is een multisysteemziekte, waarbij zoals bekend de luchtwegen het primaire doelwit en de belangrijkste plaats van de ziekteprogressie zijn. In toenemende mate geldt COVID-19 als een bifasische ziekte. De progressieve tweede fase lijkt aangedreven te worden door immunopathologie. Als gevolg van een gesuperponeerde infectie en trombotische complicaties kan de klinische verslechtering sneller verlopen.  

Onduidelijke pathofysiologische mechanismen

Het is onduidelijk welke pathofysiologische mechanismen ten grondslag liggen aan de achteruitgang bij COVID-19. Autopsies zijn cruciaal geweest bij het begrijpen van pulmonale en extrapulmonale manifestaties van COVID-19. Hoewel er conclusies kunnen worden getrokken uit klinische studies, bijvoorbeeld van bloedanalyses, bieden postmortale weefselanalyses een ongeëvenaarde momentopname om de weefselarchitectuur, cellulaire samenstelling en genexpressieprofielen, functie en interacties op het moment van overlijden te analyseren.
Verschillende alternatieve benaderingen voor weefselbemonstering bij ernstige COVID-19 omvatten mini-thoracotomie en transbronchiale biopsie. Deze methoden zijn echter anatomisch beperkt en niet zonder risico.
De analyse van gereseceerd longweefsel van ontvangers van een longtransplantatie na COVID-19 wordt gehinderd door de kleine patiëntenaantallen en het beeld wordt gedomineerd door een gevorderde fibrose.

(Minder) conventionele technieken

Postmortaal longweefsel kan worden geanalyseerd met conventionele technieken, waaronder lichtmicroscopie, immunohistochemie en immunofluorescentie. Maar ook met minder conventionele technologieën, zoals beeldvormingsmassacytometrie, elektronenmicroscopie, weefseltranscriptomics en proteomics met hoge resolutie en digitale ruimtelijke profilering.
In het weefsel kunnen SARS-CoV-2-eiwitten of RNA nauwkeurig worden gelokaliseerd door middel van immunohistochemie, massacytometrie met beeldvorming, elektronenmicroscopie en in-situ hybridisatie.
Een terugkerend thema bij al deze technieken is het vinden van heterogeniteit in het longweefsel, zowel in individuele COVID-19-patiënten als tussen patiënten onderling. Het vaststellen van het overkoepelende fenotype met conventionele beeldvorming is essentieel voor de daaropvolgende interpretatie van de resultaten van meer geavanceerde technieken, om het weefsel in beeld te brengen.

Zeer heterogene ziekte

In tegenstelling tot eerdere veronderstellingen dat COVID-19 in de longen een uniforme ziekte is, tonen postmortale bevindingen dat de ziekte zeer heterogeen is. De ziekte kan onderverdeeld worden op basis van vroege en late progressie en op basis van het pathofysiologisch proces. Vanaf het begin van de infectie in de longen lijken er verschillende fenotypische routes te zijn die tot de dood leiden. Bij veel patiënten wordt het histologische patroon gekenmerkt door een klassieke diffuse alveolaire ziekte. Dit vormt slechts één fenotype.
Bij sommige mensen veroorzaakt een overlappende infectie echter een duidelijk inflammatoir milieu. Anderen hebben bijvoorbeeld als gevolg van trombose, die in de longen kan ontstaan, extrapulmonale manifestaties van COVID-19. Sommige mensen hebben een sneller, agressiever ziektebeloop en sterven eerder dan anderen met een langzamere progressie.

Invloed op huidige en toekomstige beleid

Deze heterogeniteit van COVID-19-longziekte moet worden erkend bij de huidige behandeling van patiënten en bij de ontwikkeling van nieuwe behandelstrategieën.

Referenties: Milross L, Majo J, Cooper N, et al. Post-mortem lung tissue: the fossil record of the pathophysiology and immunopathology of severe COVID-19. Lancet Respir Med. 2021:S2213-2600(21)00408-2.

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Casus: man wordt wakker met knijpend gevoel op de borst

Een 55-jarige man wordt ’s ochtends wakker met een knijpend gevoel op de borst. Zes weken geleden heeft hij COVID-19 gehad. Ook is hij in het verleden behandeld met nivolumab vanwege een niet-kleincellig longcarcinoom. Wat is uw diagnose?

Als de arts nep blijkt: medische misleiding met deepfakes

Steeds vaker duiken deepfakevideo’s op waarin artsen medicijnen aanprijzen. Leonie Hulstein noemt dit een zorgwekkende ontwikkeling. “Dit gaat over gezondheid. Dat maakt het gevaarlijker dan andere vormen van nepcontent.”

Medicatie belangrijke oorzaak van bezoek aan de spoedeisende hulp

Bij 17% van de SEH-bezoeken zonder opname speelt medicatie een rol, en meer dan een derde daarvan is vermijdbaar, zo vertelt Rehana Rahman. “De herkenning van deze bezoeken zou verbeteren als er een apotheker zou meekijken op de SEH.”

Casus: schoonmaker met branderige huiduitslag

Een 46-jarige schoonmaker van Iraakse afkomst heeft sinds ruim één jaar last van een branderige, jeukende huiduitslag op vooral zijn armen en benen. Eerdere antimycotische behandelingen hebben geen effect gehad. Wat is uw diagnose?

‘Leren reanimeren doe je altijd voor een ander, nooit voor jezelf’

Burgerhulpverleners starten in Nederland het merendeel van de reanimaties bij een hartstilstand, maar hun aantal is nog onvoldoende. Leonie van der Leest: “Zorgverleners kunnen mensen hierop attenderen: leer reanimeren, je redt er mensenlevens mee.”

Rechtvaardigheid als kompas voor medisch onderzoek

Wie profiteert van medische innovaties? Wie kan meedoen aan onderzoek en wie blijft buiten beeld? Rieke van der Graaf onderzoekt hoe medisch onderzoek zo kan worden ingericht dat het niet alleen vooruitgang oplevert, maar ook rechtvaardig is.

‘Houd het gesprek over cannabis­gebruik bij medische klachten open’

Veel patiënten gebruiken cannabis bij medische klachten, maar halen dit niet via de apotheek. Pieter Oomen vertelt over de barrières die ervaren worden en doet enkele aanbevelingen. “Een van de barrières is het stigma dat bij artsen vaak nog leeft rond cannabis.”

Wanneer klachten eigenlijk een zingeving­svraag zijn

Huisarts Richard Hoofs ziet in zijn praktijk regelmatig mensen bij wie medische verklaringen ontbreken, maar het lijden duidelijk aanwezig is. Volgens hem ligt onder die klachten vaak een vraag die in de spreekkamer nog weinig gesteld wordt: waar leef je eigenlijk voor?

AI-model voor SEH werkt goed, maar wordt niet gebruikt

AI kan op de SEH goed voorspellen welke patiënten een hoog sterfterisico hebben. Toch ondervonden Paul van Dam en William van Doorn dat artsen de voorspelling nauwelijks gebruiken. “We moeten leren om AI-modellen te ontwerpen die beter zijn afgestemd op de gebruikers.”

‘Sta eens vaker stil en reflecteer’

Veel artsen lopen vast op vragen over werkdruk, keuzes en werk-privébalans. Shirin Bemelmans-Lalezari pleit daarom voor meer reflectie en open gesprekken over twijfels in de medische loopbaan. “Juist de eigenschappen die veel artsen delen, kunnen later in de weg gaan zitten.”