DOQ

Prof.dr. Zweemer: ‘Gezamenlijk researchportaal zou onderzoek naar zeldzame tumoren écht vooruit helpen’

Als er íémand is die op de bres gaat voor regionale samenwerking op het gebied van kanker is het prof. dr. Ronald Zweemer. “In mijn vakgebied, de oncologische gynaecologie, zijn alle ziektebeelden zeldzaam. Dat is een omstandigheid die het gewoon keihard nodig maakt om de hele regio samen te laten werken. Nu we dat voor elkaar hebben, maakt het voor patiënten niet meer uit in welk ziekenhuis zij zich melden. Ze krijgen overal dezelfde hoogwaardige zorg.”

Het is misschien wel de belangrijkste zorgontwikkeling van de laatste jaren in de oncologie: het ‘afbreken van muren’. Eerst binnen ziekenhuizen: er werden teams gevormd van verschillende specialisten die samenwerken rond een patiënt. De scheiding tussen afdelingen (bijvoorbeeld urologie, radiotherapie, medische oncologie) bestaat nog, maar patiënten hebben daar geen last van: ze worden door één team behandeld. Vervolgens werden er ook regionale samenwerkingsverbanden opgezet. Zorgverleners van verschillende ziekenhuizen in de regio bundelen hun kennis en ervaring. Die samenwerking kan verschillende vormen hebben, maar het is altijd heel concreet: behandelaars bespreken in videoconferenties samen al hun patiënten, vormen expertteams per tumorsoort binnen hun vakgebied of ze staan samen te opereren.

(Foto: Pixabay)

Second opinion

Oncologisch gynaecoloog prof. dr. Ronald Zweemer werkt in het regionale netwerk samen met het St. Antonius Ziekenhuis, het Diakonessenhuis, Ziekenhuis Rivierenland, Meander Medisch Centrum, Ziekenhuis Gelderse Vallei en UMC Utrecht. “Artsen uit die ziekenhuizen bespreken samen alle patiënten bij wie er ook maar een kleine verdenking is op een kwaadaardige aandoening. Elke week zo’n dertig patiënten, naast eenzelfde aantal patiënten intern, van wie we de voortgang bespreken. Van elke patiënt bezien we samen wat het behandelbeleid is dat aan de patiënt wordt voorgelegd. En we bespreken waar die behandeling het best kan plaatsvinden. Als we gezamenlijk tot de slotsom komen dat de kans klein is dat de besproken patiënt een kwaadaardige aandoening heeft, kan de behandeling in het regionale ziekenhuis worden voortgezet. Voor die afweging zijn we ook samen verantwoordelijk.”

Wat dat voor patiënten uiteindelijk oplevert? “Dat het niet uitmaakt in welk ziekenhuis je je meldt als patiënt. Je krijgt overal dezelfde hoogwaardige zorg. Er zit eigenlijk al een second opinion meegebakken in het behandelvoorstel dat je krijgt. Patiënten hoeven niet uit voorzorg te shoppen bij een UMC. In Nederland hechten mensen erg aan korte afstanden en reistijden; daar kunnen we dus aan tegemoetkomen.”

“Als een ziekenhuis één of hooguit twee patiënten verwacht te includeren is het een tijd- en kostenintensief traject. Dat zou ik echt graag opgelost krijgen”

Samenwerken in onderzoek

Zijn in de zorg de muren tussen ziekenhuizen redelijk afgebroken, in onderzoek is dat nog niet het geval. Zweemer: “De organisatie rond (klinische) trials kent nog obstakels die samenwerking bemoeilijken. Als je een studie opzet en je regionale samenwerkingspartners willen meedoen, dan moet de trial nog in elk centrum worden getoetst, en moeten ook de juridische zaken per centrum worden vastgelegd. Dat is te doen voor grote cohortstudies; de PLCRC-studie van professor Miriam Koopman, is een mooi voorbeeld. Daarin wordt de werkzaamheid van verschillende behandelingen van dikkedarmkanker onderzocht, met een grote groep deelnemende patiënten. Maar juist voor de echt zeldzame tumorsoorten is dat een drempel. Als een ziekenhuis één of hooguit twee patiënten verwacht te includeren is het een tijd- en kostenintensief traject. Dat zou ik echt graag opgelost willen krijgen: niet alleen een gezamenlijk zorgportaal inrichten, maar ook een gezamenlijk researchportaal. Dat zou de mogelijkheid om onderzoek te doen naar zeldzame tumoren echt vooruit helpen!”


In het Regionaal Oncologisch Netwerk Midden Nederland werken het UMC Utrecht en de regionale ziekenhuizen samen aan de zorg voor patiënten met kanker. Voor iedere vorm van kanker bestaan regionale teams. Daarin geven behandelaren uit alle ziekenhuizen samen aan elke patiënt de beste zorg op de juiste plaats: dichtbij als het kan, en verder weg als het moet. Artsen uit verschillende ziekenhuizen overleggen dus met elkaar wat voor elke individuele patiënt de juiste behandeling is.

Bron: UMC Utrecht

Lees ook het artikel ‘Met bio-informatica kanker opsporen in bloed’ op www.umcutrecht.nl

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

‘In Bloesem werken onderzoekers uit de wijk en van de universiteit nauw samen’

Onderzoek in aandachtswijken is vaak complex, mede doordat bewoners amper worden bereikt. In project Bloesem in de Haagse wijk Moerwijk doen ze het anders, vertelt Nienke Slagboom. “Hier maken bewoners zelf deel uit van het onderzoeksteam.”

Casus: man wordt wakker met knijpend gevoel op de borst

Een 55-jarige man wordt ’s ochtends wakker met een knijpend gevoel op de borst. Zes weken geleden heeft hij COVID-19 gehad. Ook is hij in het verleden behandeld met nivolumab vanwege een niet-kleincellig longcarcinoom. Wat is uw diagnose?

Als de arts nep blijkt: medische misleiding met deepfakes

Steeds vaker duiken deepfakevideo’s op waarin artsen medicijnen aanprijzen. Leonie Hulstein noemt dit een zorgwekkende ontwikkeling. “Dit gaat over gezondheid. Dat maakt het gevaarlijker dan andere vormen van nepcontent.”

Medicatie belangrijke oorzaak van bezoek aan de spoedeisende hulp

Bij 17% van de SEH-bezoeken zonder opname speelt medicatie een rol, en meer dan een derde daarvan is vermijdbaar, zo vertelt Rehana Rahman. “De herkenning van deze bezoeken zou verbeteren als er een apotheker zou meekijken op de SEH.”

Casus: schoonmaker met branderige huiduitslag

Een 46-jarige schoonmaker van Iraakse afkomst heeft sinds ruim één jaar last van een branderige, jeukende huiduitslag op vooral zijn armen en benen. Eerdere antimycotische behandelingen hebben geen effect gehad. Wat is uw diagnose?

‘Leren reanimeren doe je altijd voor een ander, nooit voor jezelf’

Burgerhulpverleners starten in Nederland het merendeel van de reanimaties bij een hartstilstand, maar hun aantal is nog onvoldoende. Leonie van der Leest: “Zorgverleners kunnen mensen hierop attenderen: leer reanimeren, je redt er mensenlevens mee.”

Rechtvaardigheid als kompas voor medisch onderzoek

Wie profiteert van medische innovaties? Wie kan meedoen aan onderzoek en wie blijft buiten beeld? Rieke van der Graaf onderzoekt hoe medisch onderzoek zo kan worden ingericht dat het niet alleen vooruitgang oplevert, maar ook rechtvaardig is.

‘Houd het gesprek over cannabis­gebruik bij medische klachten open’

Veel patiënten gebruiken cannabis bij medische klachten, maar halen dit niet via de apotheek. Pieter Oomen vertelt over de barrières die ervaren worden en doet enkele aanbevelingen. “Een van de barrières is het stigma dat bij artsen vaak nog leeft rond cannabis.”

Wanneer klachten eigenlijk een zingeving­svraag zijn

Huisarts Richard Hoofs ziet in zijn praktijk regelmatig mensen bij wie medische verklaringen ontbreken, maar het lijden duidelijk aanwezig is. Volgens hem ligt onder die klachten vaak een vraag die in de spreekkamer nog weinig gesteld wordt: waar leef je eigenlijk voor?

AI-model voor SEH werkt goed, maar wordt niet gebruikt

AI kan op de SEH goed voorspellen welke patiënten een hoog sterfterisico hebben. Toch ondervonden Paul van Dam en William van Doorn dat artsen de voorspelling nauwelijks gebruiken. “We moeten leren om AI-modellen te ontwerpen die beter zijn afgestemd op de gebruikers.”