DOQ

Welke impact heeft LAS op wachtlijsten long­transplan­tatie?

In 2014 is in Nederland de Lung Allocation Score (LAS) in gebruik genomen. Onderzoek naar deze score laat zien dat na de invoering ervan het aantal longtransplantaties per jaar en de mortaliteit op de wachtlijst niet significant veranderd zijn.1 “We zagen wel dat na invoering van de LAS de kans om een longtransplantatie te ondergaan groter was geworden voor patiënten met longfibrose”, aldus Thijs Hoffman, longarts in opleiding in het St. Antonius en eerste auteur van dit onderzoek.

Na de Verenigde Staten en Duitsland was Nederland het derde land waar de LAS werd ingevoerd. Waar vóór de invoering van deze score met name de tijd op de wachtlijst bepalend was voor hoe hoog iemand op de lijst stond, wordt er met de LAS veel meer rekening gehouden met patiëntkenmerken, zoals de diagnose en leeftijd, en resultaten van aanvullend onderzoek, zoals de longfunctie en zuurstofgehalte in het bloed. “Hiermee weerspiegelt de LAS veel beter welke patiënten het meeste baat kunnen hebben bij een longtransplantatie”, zegt Hoffman.

Longarts i.o Thijs Hoffman

Positieve resultaten

Twee eerdere studies naar het effect van de LAS op de wachtlijst (uit de Verenigde Staten en Duitsland) lieten positieve resultaten van de invoering van deze score zien.2,3 “Het aantal patiënten dat kwam te overlijden op de wachtlijst nam in deze studies af en het aantal longtransplantaties nam toe – ondanks dat het aantal beschikbare donorlongen gelijk bleef. Daarnaast nam de overleving van patiënten na transplantatie toe. In Nederland wilden we ook graag uitzoeken wat het effect van de invoering van de LAS op de wachtlijst was.” Hiervoor hebben Hoffman en collega’s gegevens uit de Nederlandse transplantatiedatabase van de periode voor invoering van de score vergeleken met de jaren erna (tot en met 2019). In totaal ging het hierbij om gegevens van 1.276 patiënten.

“We zagen geen verschil in het aantal mensen dat overleed op de wachtlijst”

Longfibrose

Omdat in deze studie alleen de data voor invoering vergeleken zijn met de data na invoering, is niet met zekerheid te zeggen dat de bevindingen puur het resultaat zijn van het invoeren van de LAS, vertelt Hoffman. Mogelijk spelen andere zaken ook een rol. “Maar in onze studie zagen we wel een vermindering van het aantal mensen op de wachtlijst na invoering van de LAS. Het aantal longtransplantaties bleef echter gelijk. Ook zagen we geen verschil in het aantal mensen dat overleed op de wachtlijst. Deze bevindingen verschillen dus van de resultaten van de Amerikaanse en Duitse studies”, zegt hij. Verder viel op dat het aantal longfibrosepatiënten dat een transplantatie onderging, hoger was ná invoering dan vóór invoering van de LAS. “Aangezien er in totaal niet meer longtransplantaties waren uitgevoerd na invoering van de LAS, was de kans op een longtransplantatie voor patiënten met een andere longaandoening, bijvoorbeeld COPD of longemfyseem, dus afgenomen.”

“De vraag is echter of de huidige score de achteruitgang van patiënten met bijvoorbeeld COPD voldoende weergeeft”

Redelijk concept

Waar de verschillen tussen het Nederlandse onderzoek en de studies uit Duitsland en de Verenigde Staten vandaan komen, is Hoffman niet helemaal duidelijk. “Mogelijk speelt het feit dat wij een iets andere analysemethode hebben gebruikt, hier een rol bij. Ook het oude wachtlijstsysteem was in Nederland anders dan in Duitsland en de Verenigde Staten.” Het concept achter de LAS lijkt in ieder geval redelijk, laat Hoffman weten. “De vraag is echter of de huidige score de achteruitgang van patiënten met bijvoorbeeld COPD voldoende weergeeft.” Bepaalde parameters van de LAS zijn mogelijk representatiever voor de ernst van longfibrose dan voor andere longaandoeningen. In de Verenigde Staten is de score dan ook inmiddels aangepast. “Ik verwacht dat de LAS in Europa – en dus ook in Nederland – aangepast gaat worden. Hopelijk kunnen we hiermee de allocatie van donorlongen verbeteren, overlijden er minder mensen op de wachtlijst en hebben mensen na transplantatie zo lang mogelijk baat van de donorlongen.”

Referenties:

  1. Hoffman TW, Hemke AC, Zanen P, et al. Waiting list dynamics and lung transplantation outcomes after introduction of the lung allocation score in The Netherlands. Transplant Direct. 2021;7:e760.
  2. Egan TM, Edwards LB. Effect of the lung allocation score on lung transplantation in the United States. J Heart Lung Transplant. 2016;35:433–439.
  3. Gottlieb J, Smits J, Schramm R, et al. Lung transplantation in Germany since the introduction of the lung allocation score. Dtsch Arztebl Int. 2017;114:179–185.
Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Aandacht voor sterven

Rozemarijn van Bruchem-Visser pleit voor meer aandacht voor het stervensproces van de patiënt vanuit de zorgverlener. “Het ontbreekt vaak aan kennis over de praktische aspecten. Dat maakt het lastig om het gesprek te openen voor veel zorgverleners.”

Taalbarrière en geen tolk? Geen passende zorg

“Sinds het ministerie van VWS in 2012 de subsidie voor landelijke tolkendiensten stopte zien we veel onwenselijke situaties. Zo kunnen we geen passende zorg bieden”, vertelt jeugdarts Petra de Jong. Ze zet zich in voor de campagne ‘Tolken terug in de zorg, alstublieft’.

Casus: man met veranderd defatiepatroon, krampen en borborygmi

Een man wordt gestuurd in verband met een veranderd defecatiepatroon, met krampen en borborygmi. Er is geen bloedverlies. De eetlust is normaal en er is geen gewichtsverlies. Wat is uw diagnose?

Een dokter is geen monteur

Pieter Barnhoorn pleit voor bezielde en bezielende zorg, waarbij contact met de patiënt centraal staat. Zijn visie overstijgt het traditionele biomedische model: “Waarom moet alles efficiënt en onpersoonlijk? Dat is toch niet de reden waarom mensen de zorg in gaan?”

Casus: patiënt met veel jeuk

U ziet een zestienjarige patiënte met veel jeuk en een blanco voorgeschiedenis. Patiënte krijgt een corticosteroïd van de huisarts, maar dat helpt niet. Wat is uw diagnose?

Voer een open gesprek na diagnose dementie

Judith Meijers wil standaard een open gesprek over wensen en grenzen met mensen die net de diagnose dementie hebben gekregen. “Zorgprofessionals die deze gesprekken voeren, vertelden dat ze meer voldoening uit hun werk halen.”

Casus: man met bloedverlies per anum

Een man van 67 jaar komt omdat hij helder rood bloedverlies per anum heeft. Er zijn geen andere klachten, de eetlust is goed, hij is niet afgevallen. De familie anamnese is niet bijdragend. Wat is uw diagnose?

Familie­gesprekken op de IC: zo kan het morgen beter

Artsen kunnen familieleden van IC-patiënten beter betrekken als ze inspelen op hun wensen, concludeerde Aranka Akkermans. Hiervoor geeft ze concrete handvatten. “Artsen vullen intuïtief zelf in hoe de naasten betrokken willen worden.”

‘Practice what you preach’

Huisarts Chris Otten geeft praktische tips om leefstijl en preventie meer aandacht in de spreekkamer te geven. Wat werkt en wat beslist niet? “Ik máák tijd voor een leefstijlgesprek. Desnoods laat ik er mijn spreekuur voor uitlopen.”

‘Niet behandelen is ook een optie’

Existentieel behandelen gaat ervan uit dat een patiënt pas een weloverwogen beslissing kan maken als hij álle gevolgen kent. Tatjana Seute onderzoekt hoe dit het beste ingezet kan worden in de praktijk. “Het is belangrijk dat je als arts weet wie je tegenover je hebt.”


0
Laat een reactie achterx