Combinatie van regionale en lokale verdoving bij dotteren

mm
Marijke van Oosten
Redactioneel,
4 maart 2022

Patiënten met grotere perioperatieve risico’s die een dotterbehandeling ondergaan, hoeven in SJG Weert in principe niet meer onder algehele narcose. Sinds een klein half jaar is regionale verdoving voor hen een optie. “Daarmee voorkom je mogelijke bijwerkingen van narcose en herstellen patiënten sneller na de ingreep”, zegt vaatchirurg Arthur Sondakh.

Sondakh en collega’s introduceerden het dotteren zonder algehele narcose in het najaar van 2021. Deze uitgebreide, zogeheten advanced dotter-procedure is bedoeld voor patiënten met comorbiditeit, waarbij onder meer kan worden gedacht aan een hart- en vaataandoening, longziekte, neurologisch probleem of nierziekte. De klachten van deze patiënten zijn een pijnlijke voet en/of pijnlijk onderbeen, al dan niet gepaard gaand met wonden. De patiënten vallen onder Fontaine 3- en 4-classificatie (kritieke ischemie).

Vaatchirurg Arthur Sondakh

Combinatie

De regionale verdoving die wordt toegepast in het St. Jans Gasthuis Weert (SJG Weert) is eigenlijk een combinatie van lokale en regionale verdoving. Met de regionale verdoving wordt het te dotteren gebied verdoofd, bijvoorbeeld het onderbeen; met een lokale verdoving de aanprikplek, bijvoorbeeld de lies.

ASA-classificatie 3 of 4

Aanleiding voor de nieuwe dotterprocedure is de kwetsbaarheid van veel patiënten met perifere vaatziekten die voor dotteren in aanmerking komen. “Deze patiënten zijn gemiddeld wat ouder en hebben vaak bijkomende problemen”, vertelt Sondakh. “Ze vallen onder ASA-classificatie 3 of 4; narcose is voor hen risicovoller dan

 

Login om verder te lezen

Nog geen account? Meld u hier gratis aan.

, , , , ,
Deel dit artikel