DOQ

Repo­neren of niet repo­neren, dat is de vraag

Reponeren van de pols is een pijnlijke en tijdrovende klus op de SEH. Hoe zinvol is die ingreep bij patiënten bij wie de chirurg een week later die botdelen toch aan elkaar schroeft? Voor een wetenschappelijk antwoord op deze vraag startte arts-onderzoeker Bas Derksen onlangs de RECORDED studie.

Je zit op je fiets en zoeft met een aangename snelheid over de weg. Eén moment van onoplettendheid en dan is het gebeurd. Je smakt tegen het asfalt en onmiddellijk voel je een stekende pijn in je rechter pols. Dat je hand een onnatuurlijke hoek maakt met je onderarm doet het ergste vermoeden. De röntgenfoto op de spoedeisende hulp bevestigt je vermoeden: een gebroken pols of nauwkeuriger gezegd: een breuk in je spaakbeen. Eén troost: je bent niet de enige die dit overkomt; jaarlijks belanden in Nederland zo’n 26.000 mensen op de SEH met een gebroken pols.

“Het reponeren is een behoorlijk pijnlijke ingreep”

Arts-onderzoeker Bas Derksen

Alleen bij complexe breuken

“Bij een polsbreuk zijn de gebroken botdelen meestal ten opzichte van elkaar verschoven”, weet Derksen mede op basis van zijn eerdere ervaring als assistent chirurgie. “In het verleden bestond de standaardbehandeling bij veel polsbreuken daarom uit het zo goed mogelijk weer op hun oorspronkelijke plaats brengen van de botdelen, het zogeheten reponeren. Daarna werd de pols ingegipst om de botdelen aan elkaar te laten groeien. Alleen bij complexe breuken werd de patiënt verwezen voor een operatie. Dan zet de chirurg de botdelen met schroeven en/of plaatjes op de juiste manier aan elkaar.”

Toename van polsoperaties

De afgelopen jaren is uit diverse studies gebleken dat opereren ook bij minder complexe polsbreuken beter is. Derksen: “Zonder operatie ontstaan er op termijn gemiddeld meer klachten. Vaak doordat de botdelen in de weken na het reponeren weer iets van elkaar verschuiven. Bovendien duurt het zonder operatie langer voordat de patiënt de pols weer als vanouds kan gebruiken.” Dit nieuwe inzicht heeft inmiddels geleid tot een toename van het aantal polsoperaties wegens een breuk. Wat echter – mede uit gewoonte – (nog) niet is veranderd, is dat de pols op de SEH standaard wordt gereponeerd. “De vraag is hoe zinvol het is de pols op de SEH te reponeren als een week later de chirurg de botdelen alsnog aan elkaar schroeft,” formuleert Derksen de centrale vraag van het promotieonderzoek waarmee hij recent is gestart. “Daarbij moet je weten dat het reponeren een behoorlijk pijnlijke ingreep is, ondanks lokale verdoving. Bovendien kost het reponeren de nodige tijd en menskracht; beide schaars op de SEH.”

“Bij één onderzoeksgroep wordt de gebroken pols op de SEH alleen in het gips gezet”

RECORDED studie opgezet

Om zijn onderzoeksvraag van een wetenschappelijk onderbouwd antwoord te kunnen voorzien, heeft Derksen samen met zijn begeleider, traumachirurg Niels Schep, de RECORDED studie opgezet. “Hierbij verdelen we ruim 130 patiënten met een polsbreuk die in aanmerking komen voor een operatie in twee groepen. Bij de ene groep vindt als vanouds reponeren van de pols op de SEH plaats, bij de andere groep niet. Bij die laatste groep wordt de gebroken pols op de SEH alleen in het gips gezet. Dit om de breuk tot de operatie te stabiliseren en zo de pijn te verminderen. We laten beide groepen patiënten pijndagboekjes bijhouden vanaf de behandeling op de SEH. Na de operatie houden de deelnemers ook een jaar lang bij hoe het functieherstel van de pols verloopt.”

“Het ziekenhuis kan met het weglaten van het reponeren naar verwachting tijd, geld en menskracht besparen”

Stichting BeterKeten

Om een beetje tempo te kunnen maken, heeft Derksen, zelf werkzaam in het Maasstadziekenhuis, ook de andere 5 ziekenhuizen van de stichting BeterKeten (Albert Schweizer Ziekenhuis, Erasmus MC, Franciscus Gasthuis & Vlietland, IJsselland ziekenhuis, Ikazia ziekenhuis) betrokken bij de studie. “Dat betekende eerst een jaar lang alle ziekenhuizen langs om afspraken te maken hoe zij de studie-opzet het beste kunnen integreren in hun dagelijkse praktijkvoering van de SEH.” De inclusie van patiënten verloopt inmiddels voorspoedig en Derksen hoopt over een kleine twee jaar de uitkomsten van het onderzoek wereldkundig te kunnen maken. “Onze hypothese is dat het weglaten van het reponeren bij patiënten die een week later geopereerd worden, de patiënten minder pijn oplevert en hen minder tijd op de SEH kost. Het ziekenhuis kan met het weglaten van het reponeren naar verwachting tijd, geld en menskracht besparen.”

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

De zorgverlener als verwonderaar

Steeds meer resultaten wijzen uit dat een goed contact tussen de zorgverlener, het kind en de ouders, veel leed kan voorkomen. Piet Leroy zet zich in voor pijn- en traumavrije zorg bij kinderen. “Ik spreek nooit over lastige ouders, wel over kwetsbare ouders.”

Aandacht voor sterven

Rozemarijn van Bruchem-Visser pleit voor meer aandacht voor het stervensproces van de patiënt vanuit de zorgverlener. “Het ontbreekt vaak aan kennis over de praktische aspecten. Dat maakt het lastig om het gesprek te openen voor veel zorgverleners.”

Taalbarrière en geen tolk? Geen passende zorg

“Sinds het ministerie van VWS in 2012 de subsidie voor landelijke tolkendiensten stopte zien we veel onwenselijke situaties. Zo kunnen we geen passende zorg bieden”, vertelt jeugdarts Petra de Jong. Ze zet zich in voor de campagne ‘Tolken terug in de zorg, alstublieft’.

Casus: man met veranderd defatiepatroon, krampen en borborygmi

Een man wordt gestuurd in verband met een veranderd defecatiepatroon, met krampen en borborygmi. Er is geen bloedverlies. De eetlust is normaal en er is geen gewichtsverlies. Wat is uw diagnose?

Een dokter is geen monteur

Pieter Barnhoorn pleit voor bezielde en bezielende zorg, waarbij contact met de patiënt centraal staat. Zijn visie overstijgt het traditionele biomedische model: “Waarom moet alles efficiënt en onpersoonlijk? Dat is toch niet de reden waarom mensen de zorg in gaan?”

Casus: patiënt met veel jeuk

U ziet een zestienjarige patiënte met veel jeuk en een blanco voorgeschiedenis. Patiënte krijgt een corticosteroïd van de huisarts, maar dat helpt niet. Wat is uw diagnose?

Voer een open gesprek na diagnose dementie

Judith Meijers wil standaard een open gesprek over wensen en grenzen met mensen die net de diagnose dementie hebben gekregen. “Zorgprofessionals die deze gesprekken voeren, vertelden dat ze meer voldoening uit hun werk halen.”

Casus: man met bloedverlies per anum

Een man van 67 jaar komt omdat hij helder rood bloedverlies per anum heeft. Er zijn geen andere klachten, de eetlust is goed, hij is niet afgevallen. De familie anamnese is niet bijdragend. Wat is uw diagnose?

Familie­gesprekken op de IC: zo kan het morgen beter

Artsen kunnen familieleden van IC-patiënten beter betrekken als ze inspelen op hun wensen, concludeerde Aranka Akkermans. Hiervoor geeft ze concrete handvatten. “Artsen vullen intuïtief zelf in hoe de naasten betrokken willen worden.”

‘Practice what you preach’

Huisarts Chris Otten geeft praktische tips om leefstijl en preventie meer aandacht in de spreekkamer te geven. Wat werkt en wat beslist niet? “Ik máák tijd voor een leefstijlgesprek. Desnoods laat ik er mijn spreekuur voor uitlopen.”


2
0
Laat een reactie achterx