DOQ

Spraakherkenning zorgt voor minder administratielast

Minder administratielast voor de arts, meer transparantie en vooral: meer tijd voor de patiënt in de spreekkamer. Spraakherkenning leidt tot snellere en meer efficiënte dossiervoering. Dat heeft voor zowel arts als patiënt veel voordelen. In het Medisch Centrum Leeuwarden (MCL) doen ze er positieve ervaringen mee op.

Dossiervoering in de medische wereld is tijdrovend. Medisch specialisten kunnen daardoor minder zorg leveren of zijn soms gedwongen tot doorwerken in de avonduren om hun rapportage op orde te krijgen. Door gesproken woord direct om te zetten in geschreven tekst, zijn zorgprofessionals minder tijd kwijt aan documentatie. “Gemiddeld dicteren artsen 150 woorden per minuut met spraakherkenning. Dat is drie keer sneller dan typen,” legt Harm Wesseling uit, Chief Information Officer (CIO) in het MCL. “Dat resulteert in aanzienlijke tijdwinst.”

“De tekst komt nagenoeg foutloos in het patiëntendossier”

Chief Information Officer Harm Wesseling

Steeds minder fouten

Met spraakherkenning spreekt de arts zijn of haar rapportage in in een spraakherkenningstool met microfoon. De tekst wordt vervolgens direct verwerkt in het elektronisch patiëntendossier (EPD). “Voorheen ging dat laatste nog wel eens fout,” vertelt Wesseling. “De arts sprak dan de tekst in, maar moest deze vervolgens doorlezen op mogelijke fouten. Dat kostte dan toch weer tijd. Door de verbeterde spraakherkenningstechnologie de afgelopen jaren zijn die foutjes vrijwel verdwenen. De tekst komt daardoor nagenoeg foutloos in het patiëntendossier. Dat leidt tot een verhoogde nauwkeurigheid en consistentie van de documentatie.”

Meeluisteren en corrigeren

De afdelingen Radiologie en Nucleaire geneeskunde van het MCL maken al langer gebruik van spraakherkenning, als toelichting bij de beeldvorming, vertelt Joke Anna Loonstra, adviseur Digitale Zorg. “Sinds dit voorjaar draait er bij ons een pilot bij de poliklinieken. De artsen gebruiken het in de spreekkamer als de patiënt – en naasten – erbij zit. Doordat de arts niet hoeft te typen terwijl hij met de patiënt praat, houdt hij beter contact. Hij zit niet meer continu achter het beeldscherm. Bovendien zorgt het voor meer transparantie. De patiënt luistert mee en kan de arts tijdens het inspreken eventueel corrigeren. Bijvoorbeeld als deze de woorden van de patiënt niet goed begrepen heeft.”

“Artsen kunnen eerder hun rapportage afronden”

Adviseur Digitale Zorg Joke Anna Loonstra

Begrijpelijke taal

Wesseling vult aan: “Patiënten waarderen dit enorm. Ze worden steeds mondiger, willen tijd voor een gesprek met de arts, willen gezien en gehoord worden. Dit beantwoordt daaraan. Daarnaast stellen ze het op prijs dat ze ter plekke hun eigen dossier kunnen meelezen. Des te meer omdat het ons door de inzet van AI – ook daar experimenteren we mee – steeds beter lukt het medisch jargon van de arts om te zetten in voor de patiënt begrijpelijke taal. Zodat deze snapt wat er in het dossier staat. De dossiervoering wordt daarmee steeds meer teamwork tussen arts en patiënt.”

En ook de arts profiteert ervan, vult Loonstra aan. “Sommige artsen hebben fysieke klachten doordat ze de hele dag achter het scherm zitten. Dat hoeft niet langer. Ze kunnen staan, lopen of bewegen terwijl ze de tekst inspreken. En ze kunnen eerder hun rapportage afronden. Dat hoeven ze niet ’s avonds nog eens te doen.”

“Hoe sneller de dossiervoering, hoe beter de communicatie en samenwerking tussen alle partijen in de zorg”

Betere informatie-uitwisseling

Wesseling en Loonstra verwachten dat spraakherkenning voor efficiënte dossiervoering, de toekomst heeft. Wesseling: “Het draagt bij aan het échte gesprek tussen arts en patiënt. Dat past bij Samen Beslissen. Maar het gaat ook bijdragen aan een betere informatie-uitwisseling tussen ketenpartners, zoals ziekenhuizen, huisartsen, de ggz en de care-units. Hoe sneller, beter en eenduidiger de dossiervoering, hoe beter de communicatie en samenwerking tussen alle partijen in de zorg. De patiënt profiteert daarvan.”

Lees meer over:


Voor u geselecteerde artikelen

Aandacht voor sterven

Rozemarijn van Bruchem-Visser pleit voor meer aandacht voor het stervensproces van de patiënt vanuit de zorgverlener. “Het ontbreekt vaak aan kennis over de praktische aspecten. Dat maakt het lastig om het gesprek te openen voor veel zorgverleners.”

Taalbarrière en geen tolk? Geen passende zorg

“Sinds het ministerie van VWS in 2012 de subsidie voor landelijke tolkendiensten stopte zien we veel onwenselijke situaties. Zo kunnen we geen passende zorg bieden”, vertelt jeugdarts Petra de Jong. Ze zet zich in voor de campagne ‘Tolken terug in de zorg, alstublieft’.

Casus: man met veranderd defatiepatroon, krampen en borborygmi

Een man wordt gestuurd in verband met een veranderd defecatiepatroon, met krampen en borborygmi. Er is geen bloedverlies. De eetlust is normaal en er is geen gewichtsverlies. Wat is uw diagnose?

Een dokter is geen monteur

Pieter Barnhoorn pleit voor bezielde en bezielende zorg, waarbij contact met de patiënt centraal staat. Zijn visie overstijgt het traditionele biomedische model: “Waarom moet alles efficiënt en onpersoonlijk? Dat is toch niet de reden waarom mensen de zorg in gaan?”

Casus: patiënt met veel jeuk

U ziet een zestienjarige patiënte met veel jeuk en een blanco voorgeschiedenis. Patiënte krijgt een corticosteroïd van de huisarts, maar dat helpt niet. Wat is uw diagnose?

Voer een open gesprek na diagnose dementie

Judith Meijers wil standaard een open gesprek over wensen en grenzen met mensen die net de diagnose dementie hebben gekregen. “Zorgprofessionals die deze gesprekken voeren, vertelden dat ze meer voldoening uit hun werk halen.”

Casus: man met bloedverlies per anum

Een man van 67 jaar komt omdat hij helder rood bloedverlies per anum heeft. Er zijn geen andere klachten, de eetlust is goed, hij is niet afgevallen. De familie anamnese is niet bijdragend. Wat is uw diagnose?

Familie­gesprekken op de IC: zo kan het morgen beter

Artsen kunnen familieleden van IC-patiënten beter betrekken als ze inspelen op hun wensen, concludeerde Aranka Akkermans. Hiervoor geeft ze concrete handvatten. “Artsen vullen intuïtief zelf in hoe de naasten betrokken willen worden.”

‘Practice what you preach’

Huisarts Chris Otten geeft praktische tips om leefstijl en preventie meer aandacht in de spreekkamer te geven. Wat werkt en wat beslist niet? “Ik máák tijd voor een leefstijlgesprek. Desnoods laat ik er mijn spreekuur voor uitlopen.”

‘Niet behandelen is ook een optie’

Existentieel behandelen gaat ervan uit dat een patiënt pas een weloverwogen beslissing kan maken als hij álle gevolgen kent. Tatjana Seute onderzoekt hoe dit het beste ingezet kan worden in de praktijk. “Het is belangrijk dat je als arts weet wie je tegenover je hebt.”


1
0
Laat een reactie achterx
Lees ook: Een medifoor gebruiken in medische gesprekken: zeven tips

Naar dit artikel »

Lees ook: Hoe kun je samen beslissen in de zorg bevorderen?

Naar dit artikel »